We reizen weer terug naar Cossonay met bus, trein en tandradbaan. Boven in Cossonay beginnen we aan de afdaling naar het treinstation. We zien de cabine, waarmee we even daarvoor omhoog gingen, verschillende keren langs komen.
In het gebied tussen Cossonay en Lausanne liggen veel kleine en grotere dorpen. Het is verbazingwekkend hoeveel we toch nog in natuur en bos lopen.
Vandaag valt er over de wegwijzers en de GPS-route weinig te klagen. Het klopt allemaal prima!

Het voordeel van een dichter bewoond gebied is, dat je niet al je eten voor onderweg ‘s morgens al moet inslaan. We gaan gewoon onderweg (Bussigny) naar de bakker en eten het even verder op een bankje.
Na Bussigny lopen we een kilometer of vijf met het riviertje la Venoge mee. Mooie wandeling! Met af en toe wat hindernissen, zoals hier onder een lage brug door.

Het riviertje la Venoge.

En dan komen we bij het meer van Genève. We lopen zo’n 8 km langs de noordrand van het meer, tot aan Lausanne. Er zijn overal recreërende mensen. Er wordt gezwommen en in de zon gelegen. Er zijn havens met bescheiden jachten. Bij de universiteit zijn er sportvelden en wordt er druk gesport. En er zijn genoeg restaurants en terrasjes. En hele mooie woonhuizen.
Op het meer zijn er zwanen, eenden, meeuwen en, op deze foto, aalscholvers.

Aangekomen bij Ouchy-Olympique (Lausanne) nemen we de metro terug naar ons hotel.
Het was toch nog een redelijk vermoeiende dag. Zeker ook omdat het nog steeds warm is.
Met deze wandeling hebben we weer één van de wandelboekjes afgesloten. We hebben het meteen met de post naar huis gestuurd. Scheelt weer gewicht.