Dag 8: WO 5 aug 2026. Diest – Zoutleeuw (27 km)

Als we vanochtend om 6 uur beneden komen heeft Paula al koffie gezet en ontbijt voor ons klaar staan. Wat een service! We praten tijdens het ontbijt uiteraard ook over de camino. Paula heeft er ook diverse gelopen, en ze wil vóór haar 80ste verjaardag nog 1x een korte camino lopen, de Camino Espiritual.
Na het ontbijt loopt ze nog een stukje met ons mee om ons uit te zwaaien.

Na alle vlakke wandelingen van de eerste dagen, werd het terrein gisteren wat glooiender. En vandaag zette zich dat verder voort. Een heel ander landschap. We zijn ook van zand naar klei gegaan.
Vandaag ook steeds meer hellingen en prachtige diepe holle wegen.

Een groot deel van de dag lopen we tussen grote percelen met appel en peren bomen. Ze zien er, naar ons idee, al rijp uit. Overal staan ook grote kratten klaar voor de pluk. Maar nergens zien we mensen bezig met plukken. Dat moet binnenkort een gigantische operatie worden met heel veel plukkers.
Het is verleidelijk om ergens een appeltje te plukken… Maar voor we dat doen, staan er bij een boer gewoon appels te koop. Dus doen we dat.

In de loop van de middag komen we aan in Zoutleeuw. In de 16e eeuw was Zoutleeuw een belangrijke Belgische stad. Dat is nog zichtbaar in een aantal mooie zoals de grote kerk en een prachtig gemeentehuis.

We overnachten in een B&B een kilometer van het centrum.

Dag 7: DI 4 aug 2026. Westerlo – Diest (27 km)

Er was voor vandaag ook weer warm weer voorspeld. We skippen het ontbijt in de jeugdherberg (8 uur) en zijn weer vóór 6 uur op pad. Ellie, de beheerder van de herberg is dan al vloeren aan het moppen.
Niet ver van Westerlo zien we “het trammeke”, een mobiele stuw die De Grote Nete in kon worden gereden. Hij is niet meer in gebruik.

We lopen de eerste paar uur door het Merode Landschapspark, met goede wandelwegen en paden. Het is een mooie wandeling, door bos en door heide.

Bij Blauberg verlaten we even het pad om naar de bakker te gaan. Volgens Google open vanaf 7:30. Maar helaas niet op dinsdag…
In en om Blauberg staan verschillende borden met fragmenten uit “de Verlossing”, een roman van Willem Elsschot die gedeeltelijk in Blauberg speelt. Ik heb hem net gedownload, misschien ga ik hem binnenkort wel lezen.
Niet lang daarna komen we in Averbode. Ook hier is weer een abdij met Norbertijnen. We rusten er even uit op het binnenplein.

Weer even later: de Maagdentoren, een donjon uit de 14e eeuw, gebouwd van ijzerzandsteen blokken.

En dan komen we in Scherpenheuvel, een bedevaartsoord. En hier is zowaar horeca die open is. We nemen er een lange pauze. Daarna gaan we nog even in de basiliek kijken. Er is een mis bezig, dus we kijken alleen voorzichtig door de glazen deur.

En nu nog naar Diest, waar we overnachten. Ik heb gisteren iets gereserveerd bij ene Paula. Maar Paula moest van 1 tot 5 uur vrijwilligerswerk doen in de Grote Kerk. Als we daar rond 3 uur binnenlopen vinden we haar bij de informatie balie. We worden hartelijk ontvangen, we krijgen zelfs een kopje koffie (en een stempel natuurlijk). Paula geeft ons een sleutel van haar huis met de mededeling “dan kunnen jullie er vast in”. Wat een vertrouwen!
Paula heeft een huis in het Begijnhof van Diest (volgens ons boekje een van de mooiste begijnhoven van Europa)

We slapen er op zolder. Mooi ingerichte zolder met eigen zitje en eigen douche en toilet.
Op Paula’s aanraden eten we bij een cafeetje in de buurt. Daarna kijken we nog even in het mooie oude stadje rond.
Het is nog steeds warm.

Dag 6: MA 3 aug 2026. Balen – Westerlo (30 km)

Gistermiddag kwam er op onze telefoons een alert binnen van de provincie Antwerpen: vandaag code oranje voor hitte.
Gelukkig zijn we bij Marijke niet afhankelijk van ontbijttijden. We lopen al vóór zes uur. De temperatuur is dan prima, ook voor de eerste onbeschutte routes langs het kanaal en door een woonwijk. Na een uurtje krijgen we weer bos. We volgen vandaag lange tijd het riviertje ‘De Grote Nete’.

We rusten bij het gesloten bezoekerscentrum Grote Netewoud.
De volgende rust is aan de rand van een dorp, waar een groot festivalterrein wordt afgebroken. We zitten er met verwondering naar te kijken; wat een gigantisch project is het om zo’n terrein op te bouwen en af te breken,

Na nog een mooie wandeling langs De Grote Nete, komen we bij het Albert kanaal. We rusten er bij de horeca van het waterski centrum (ook gesloten).
Via een grote brug steken we het Albertkanaal dan over.

Intussen is het al aardig warm geworden, en er volgen nog een boel kleine en grotere rusten,
Het is een zware tocht vandaag.
Uiteindelijk komen we bij de abdij van Tongerlo. Daar hebben we lang op een bankje in de schaduw gezeten. We hadden het helemaal gehad.

Dan is het nog een kwartiertje lopen naar de jeugdherberg in Westerlo.
Dat biertje hebben we wel verdiend!

Dag 5: ZO 2 aug 2026. Postel – Balen (21 km)

Om 7 uur ontbijten vinden ze bij B&B in Postel geen probleem. We zijn lekker vroeg weg en het is nog heerlijk koel. We lopen terug langs de abdij. Al vrij snel daarna lopen we het bos in. We lopen vandaag veel door bos. Eerst lopen we door natuurgebied ‘de Groesgoor’. Hier is, ondanks de droogte, op plaatsen nog nat en modderig. We lopen over -oude- vlonderpaden. Oppassen geblazen, want er zijn veel planken gebroken, scheef of weg.

Ergens halverwege steken we een kanaal over via een Baileybrug uit de 2e Wereldoorlog. Deze is aangelegd door de Engelsen, nadat de oorspronkelijke brug was opgeblazen.
Met stoplichten wordt er geregeld dat beide richtingen om beurten over de brug rijden. Dat betekent dat wij in hoog tempo achter de auto’s aan moeten lopen, want anders komen de tegenliggers al.

Direct na de brug ligt er een restaurantboot in het kanaal met een schaduwrijk terras. Daar kunnen we niet aan voorbij lopen.
Verderop lopen we langs een grote recreatieplas (ontstaan door zilverzandwinning) en door een vakantiepark.
Als we daarna door nog een stuk door het bos lopen, komt er een fietster langs, die vraagt of we een lange voettocht maken? Als we ja zeggen, stelt ze zich voor als Marijke, onze gastvrouw van de overnachtingsplek. Ze fietst door en wij arriveren een kwartiertje later bij haar huis.
Onze slaapplek is wel een beschrijving waard. We slapen in een huisje in de tuin. Het toilet is een heel eind weg, een hokje in het bos. Je spoelt door met een emmer water die je uit een regenwaterton schept. En de douche is een tuindouche (zie foto). Om water te krijgen leg je een dompelpomp in de put. In het begin is het heel koud, maar het went snel. Wel een heel dun straaltje.

Later op de avond zijn we naar het dorp, gefietst om te eten. Dat is 2 km verderop. Marijke had ons twee fietsen geleend.

Dag 4: ZA 1 aug 2026. Vessem – Postel (26 km)

Het is al kwart voor negen als we de herberg in Vessem verlaten, want het ontbijt was pas om 8 uur.,

Al heel gauw lopen we langs het riviertje de Beerze. Er staan waarschuwingsborden over ontoegankelijkheid van het pad bij hoog water. Maar vandaag is de Beertze niet meer dan een klein slootje. Het is er prachtig wandelen. We lopen een hele tijd over een smal pad tussen hoog riet.
Later lopen we over een smal platgetrapt graspad direct naast de rivier. De rand van het pad is moeilijk te zien. Dan zet ik mijn voet iets te ver naar rechts, en glij zo het riviertje in. Maarte schrikt er harder van dan ik. En het valt echter nog niet mee om, met de rugzak en al, over de glibberige helling omhoog te komen. Gelukkig houd ik er uiteindelijk niet meer aan over dan een natte broek.

We lopen vandaag veel door bos. Erg fijn, want ‘s middags wordt het weer behoorlijk warm.
Later op de middag komen we bij de zogenaamde dodendraad, een driedubbele rij met elektrische draden uit de Eerste Wereldoorlog. Dit was een versperring langs de hele grens België-Nederland, gebouwd door de Duitsers, om vluchtelingen tegen te houden, en spionage te voorkomen. Op deze dodendraad stond 2000 Volt. Naar verluidt zijn hier destijds zo’n 800 mensen “doodgebliksemd”.

Nu lopen we in België en is het nog een heel eind naar Postel. Als we daar aankomen is een van de eerste dingen die we doen naar de abdij gaan en een stempel in het Pelgrimspaspoort halen. Het is even zoeken, maar dan vind ik een grappige, vrij jonge Norbertijn, die stempels uitdeelt.

Op naar de B&B. Het was vanavond weer tijd voor de was (elke 2e dag). Maar we waren nog maar net binnen, of de gastvrouw vroeg of ze een wasje voor ons kon draaien. Dat was wel heel fijn!
Toen we terugkwamen van het eten (met een Postel biertje natuurlijk) hing de was schoon en droog op het wasrekje in de tuin.

Dag 3: VR 31 jul 2026. St Oedenrode – Vessem (25 km)

We hadden vanochtend een ontbijt-to-go gevraagd. Dus we kunnen zo vroeg vertrekken als we zelf willen. We vertrekken vroeg, het is nog heerlijk koel.
In St Oedenrode is er een mooie brug over de Dommel.

Als we in Best aankomen zitten we even heerlijk op het terras van een restaurant dat nog gesloten is. Dus geen koffie helaas. Gelukkig is de bakker wel open. Dan maar iets lekkers zonder koffie.
Bij het uitlopen van Best passeren we dit beeld van een mol, bij het einde van de spoortunnel. Blijkbaar is hij klaar met zijn graafwerkzaamheden.

Nog een keer rusten, bij een snackbar in een container, vlak bij de startbaan van vliegveld Eindhoven. Ryanair vliegt er laag over heen.
De snackbar is een paar nachten geleden beschadigd door mannen met bivakmutsen die met een bijl van alles kapot sloegen. De Italiaanse eigenaar is er van overtuigd dat het asielzoekers waren. Maar hij klinkt ook wel alsof hij niks met asielzoekers op heeft.

Vlak voor Vessem zien we het eerste camino teken.

We slapen vannacht in de pelgrimsherberg in Vessem. Een stuk leuker dan hotel of B&B. Er zijn nog 7 andere gasten. En er zijn 2 vrijwilligers die de herberg deze week bemannen: Gerard en José. Het is een mooie en goed verzorgde herberg.
’s Avonds eten we samen een heerlijke maaltijd. Leuke gesprekken, hele leuke avond!

Dag 2: 30 jul 2026. Mill – Sint-Oedenrode (30 km)

We hadden ons verheugd op een hotel met airco. Maar het was een hotel zonder airco. Denk dat ik afgelopen nacht net zoveel gezweet heb als een dag eerder tijdens de wandeling.

We wilden vanochtend vroeg starten, maar de vroegste ontbijtmogelijkheid was 7 uur. Lukte toch nog om om half 8 te starten.
Al gauw liepen we langs het Peelkanaal (ook wel Defensiekanaal genoemd, omdat het ook dienst deed als antitankgracht). Er liggen nog een aantal kazematten langs het kanaal. Het geheel was onderdeel van Peel-Raamstelling, een grote verdedigingslinie.
Het is nu een mooie wandelroute!

Het kanaal bracht ons verderop naar een voormalige spoorlijn, waarover we in één rechte lijn direct naar Uden wandelden.
De voormalige spoorlijn werd in 1878 geopend als onderdeel van de verbinding St Petersburg naar Londen (via Vlissingen).
In de Tweede Wereld oorlog viel Duitsland, via deze spoorlijn, Nederland binnen. In allerijl werden zogenaamde aspergeversperringen (metalen palen) aangelegd om het spoor hier verder te blokkeren.

In Uden was het niet ver om, om even langs Nelly te gaan. Leuk om daar even koffie te drinken!

Dan is het nog ver naar St Oedenrode. We lopen nog een stukje over de oude spoordijk. Dan via Mariaheide naar Veghel. Even zitten op een bankje bij het busstation. En dan kiezen we voor de kortste weg ( niet de mooiste) naar St Oedenrode.
We lopen een heel stuk parallel aan de A50

De laatste paar kilometers ook nog een beetje regen. We zijn blij als we er zijn.
We slapen vannacht in een super mooie B&B. En we hebben gegeten bij de Chinees in het dorp.

Dag 1: 29 jul 2026. Thuis – Mill (23 km)

Het plan was te vertrekken om 7 uur. Het werd toch 10 over 7.
Wel effe spannend om echt te vertrekken voor meer dan 3 maanden. Hebben we alles? Is in huis alles uit, dicht, schoon? Maar dan toch maar definitief de deur op slot doen.

Het belooft vandaag aardig warm te worden. Maar in de ochtend is het heerlijk wandelen. We beginnen over ons bekende paden. Omhoog naar Berg en Dal. En dan een mooie route door het bos naar Molenhoek. Even kijken naar het nieuwe bruggetje, waar zoveel campers en caravans zich nu vast rijden. De kranten staan er bol van. En, ja, als we verder lopen horen we dat een bestelbusje ook de zijkanten raakt.

Na 10km, bij de fietsersbrug over de Maas, is het tijd voor een boterham en ‘even zitten’.

In Vianen een heerlijke rust bij Mech. Ze had lekkere soep gemaakt. Heel fijn, en gezellig, om daar even te zitten!

Dan is het maar 7km meer naar Mill, maar het is intussen wel erg warm geworden.
In Mill is er een grote jaarmarkt, waar we dwars overheen lopen. En daar score ik zowaar een goedkoop horloge voor deze tocht (was me op de markt in Nijmegen niet gelukt).
We zijn heel blij als we bij het hotel aankomen. Wat is het heet intussen! Na een douche zijn we wel weer wat afgekoeld. Maar het is te heet voor een biertje op het terras. Dat doen we maar binnen.
Vanavond lekker gegeten in het restaurant.