Dag 68: ZO 4 okt 2026. Garlasco – Pavia (27 km)

Voordat we Garlasco uitlopen willen nog even brood kopen voor onderweg. Maar de enige bakker die open is heeft alleen banket. En de supermarkt gaat op zondag pas om half negen open. Dan maar hopen dat er in het volgende dorp wel iets open is.
Het is een frisse ochtend (13°C). Het gras is nat van de dauw. En de zon schijnt. Heerlijk om te wandelen.

Na een kilometer of zeven komen we in Gropello Cairoli. Daar is gelukkig wel een bakker open.
Er zijn veel mensen op straat en de wegen in het centrum zijn afgezet voor auto’s. Er gaat hier duidelijk iets gebeuren. Net als we onze koffie op hebben komt er een fanfare langs gemarcheerd, gevolgd door veel mannen met vaandels, en allemaal met een hoedje met een veer. Wat nazoeken leert dat het alpenjagersgroepen zijn. En de festiviteiten zijn ter gelegenheid van het 95-jarig bestaan van de groep in deze regio.

Weer 5 kilometer verder is er nog een dorp. Maar daar is helaas alles gesloten.
Rest ons nog twaalf kilometer over een asfaltweg op een dijk. Dat is even doorbijten.
Het alternatief (de normale wandelroute) gaat door het natuurpark bij de Ticino rivier. Maar die route is nu niet mogelijk omdat er een brug kapot is.
Wel hebben we af en toe, vanaf de dijk, mooie uitzichten op de rivier.

Uiteindelijk lopen we dan Pavia in over een prachtige overdekte brug.

Pavia heeft ook een mooi centrum. Het is er druk en het ziet er gezellig uit.
Ons hotel is echter een paar kilometer buiten het centrum.
Dus nadat we ons opgefrist hebben lopen we het hele eind weer terug. We drinken wat op een groot centraal plein, dat omgeven is door mooie oude gevels. En wat later eten we ook in het centrum.

Dag 67: ZA 3 okt 2026. Mortara – Garlasco (21 km)

Het ontbijt in Italië is echt iets voor zoetekauwen. Altijd zijn er croissants, gevuld met pudding, jam of chocola. Verder een aantal soorten gebak en schalen met koekjes. Meestal staat er dan ook nog een beetje brood en jam. Maar vanochtend was er zelfs helemaal geen brood. Toch vreemd…

De laatste dagen vallen ons de grote begraafplaatsen op. Ze zijn helemaal ommuurd. En er staan grote grafmonumenten. En er is altijd een muur met een soort van laden waar de overledenen ingeschoven zijn.

We lopen nog steeds tussen de rijstvelden. Vaak over zandwegen, soms een stukje grasdijk, en ook wel stukjes asfalt.

Overal zijn er grote en kleine kanalen, vaak in betonnen bakken, die er voor zorgen dat de rijstvelden in het voorjaar onder water kunnen worden gezet.

We komen rond de middag weer bij een bar waar we weer een pizzaatje kunnen eten.

Vanavond slapen we in een klein hotel, met een hele vriendelijke eigenaar. Hij staat al te zwaaien als we aan komen lopen.
In Garlasco zijn er vanavond Oktoberfesten. Maar die laten we maar aan ons voorbijgaan.

Dag 66: VR 2 okt 2026. Vercelli – Mortara (33 km)

We ontbijten bij een bar aan de rand van de stad. Als ik daar, met mijn creditcard op mijn telefoon, betaal zegt mijn app dat de betaling gelukt is. Maar het apparaatje van de bar zegt dat de betaling niet geaccepteerd is. Dat is een lastige situatie. We betalen het ontbijt uiteindelijk nog een keer, maar nu cash.
Pas tegen de middag komt er op de app van onze bank het bericht binnen dat de betaling niet is doorgevoerd.

Als we daarna de stad uitlopen zien we de opkomende zon mooi rood boven de bosrand opkomen.

We lopen vandaag, het grootste deel van de dag weer tussen de rijstvelden.
Dit hadden we gisteren nog nergens gezien. Het stro van de rijst wordt, net zoals het hooi in Nederland, in grote rollen geperst.

We komen vandaag drie keer door een dorp heen. De eerste keer, in Palestro, is er wel een bar, maar te ver weg. We rusten ergens op een mooi bankje.
In Robbio zitten we even lekker in een bar.
En in Nicorvo vinden we ook een mooie bar. Maarte vindt hier eindelijk zijn stukje pizza, waar hij, zolang we in Italië zijn, al van droomde.

Tussen de rijstvelden staan grote bedrijfsgebouwen. Slechts enkele zijn nog in gebruik om de rijst te verwerken. Er staan er veel meer die intussen een bouwval zijn geworden. We vragen ons af of er vroeger meer kleinere rijstboeren waren, met hun eigen gebouwen. Maar dat deze het niet hebben kunnen bolwerken, en er nu vooral grote bedrijven actief zijn?

Op veel plaatsen wordt er ook nog rijst gemaaid en gedorst.

In Mortara, onze eindbestemming voor vandaag wacht ons nog een vervelende verrassing. Het hotel dat we gereserveerd hadden heeft alle deuren op slot. Er wordt niet gereageerd op aanbellen, whatsapp of gewoon opbellen. Na een poos besluiten we dat dit niks gaat worden en gaan we maar iets anders zoeken. Het hotel schuin tegenover blijkt ook niet open. En voordat we verderop naar een hotel gaan zoeken, lopen we nog een keer langs het gereserveerde hotel. Nu is er licht! En er wordt opengedaan. Als we ons beklag doen blijkt dat de bel, die duidelijk naast de deur zit, niet de juiste bel is. Ergens verstopt in een ander hoekje zit de bel die we hadden moeten hebben.
Gelukkig blijkt het uiteindelijk wel een prima hotel te zijn. En we hebben er ook lekker gegeten.

Dag 65: DO 1 okt 2026. Santhià – Vercelli (28 km)

We lopen al snel de rijstvelden in. Gelukkig gaat het grootste deel van de route vandaag over asfaltwegen of brede landbouwwegen. Alleen in de middag lopen we een paar kilometer over een grasdijk, dat loopt moeilijker.
Het is bewolkt en in de vroege ochtend 18°C. Prima om te lopen

Door de rijstvelden lopen grotere en kleinere irrigatie kanalen. In het voorjaar worden de velden onder water gezet, en wordt de rijst ingezaaid. Nu, in het najaar, staan de velden droog en wordt er geoogst.

Na een kleine tien kilometer komen we in het dorpje San Germano Vercellese. Behalve deze kerk is er ook een bar. Onze enige kans op koffie vandaag. Daar moeten we van profiteren natuurlijk.

We zien in de rijstvelden overal veel ibissen. Vooral de heilige ibis (op foto hieronder).
Blijkbaar vinden zij in de vochtige omgeving van de rijstvelden voldoende voedsel.

O ja, en wat we vandaag vooral zagen zijn rijstvelden.

We slapen vannacht in Vercelli, ook wel de rijsthoofdstad van Italië genoemd.
We overnachten er op de 5e verdieping van een appartementengebouw. We komen het gebouw binnen met een code die we, via Whatsapp, van de verhuurder hebben ontvangen. Dan is er op de 5e verdieping een sleutelkastje met weer een andere code. En dan kunnen we naar binnen. We gebruiken alleen de slaapkamer en de badkamer. Maar er is ook een keuken en een grote zitkamer. Beetje groot voor ons. Ligt wel mooi midden in het centrum.

En vanavond eten we natuurlijk risotto.

Dag 64: WO 30 sep 2026. Viverone – Santhià (16 km)

We ontbijten vanochtend met John die, net als wij, heeft overnacht bij AL30 Studio’s.

Het is niet ver vandaag, en het is een makkelijk traject, dus we hebben alle tijd. We doen nog wat boodschappen in Viverone. We kopen ook spray tegen de muggen. We kwamen er gisteren al genoeg tegen. En de komende tijd in de Po-vlakte zal dat alleen maar meer worden.

Na een paar kilometer komen we in een bos bij een aantal borden, waarvan er een zegt dat Rome nog 880km is. Eronder staat een brievenbusje waar je post voor de elven en kabouters kunt achterlaten. Dus hoe serieus je die afstanden moet nemen…?

Als we Cavaglià naderen zien we deze mooie kerk.

Eenmaal in het centrum bekijken we een kerk van binnen.
Een gigantische kerk voor zo’n klein dorp. En prachtig ingericht. We staan met verwondering te kijken.
Dan naar de bar aan de overkant, de enige bar vandaag. Iedereen die we gisteren tegenkwamen, is hier na een tijdje ook weer; John en de drie Fransen.

Voor we het dorp uitlopen is er een Via Francigena ontvangstplek. Iemand heeft hier erg zijn best op gedaan. Er zit daar een hele enthousiaste man die ons pelgrimspaspoort afstempelt. Het is dezelfde man die de kabouter dingen in het bos heeft gebouwd.

En als we het dorp uitlopen is er nog een grote kerk.


Na Cavaglià zijn er geen dorpen meer tot Santhíà, het eindpunt voor vandaag. Alleen af en toe wat boerderijen.
We zien vandaag de eerste rijstvelden. Die zullen we de komende tijd vast nog veel meer zien.

Vlak voor Santhià staat de boerderij waar we gaan overnachten. Ze hebben er één gastenkamer. Nadat we ons geïnstalleerd hebben, gaan we wat rondkijken op de boerderij.
We worden meteen enthousiast rondgeleid. Er zijn paardenstallen, met een stuk of zes paarden, allemaal van een Spaans ras. Er is een schuur met veel antieke koetsen. En er zijn zo’n 100 kippen, die loslopen in een grote wei, samen met een paard en met ganzen.

’s Avonds eten we met de bewoners: de gastvrouw, haar dochter, haar veel jongere nieuwe man (zoals ze trots vertelt) en een oom.
Lekker gegeten! De oom had gekookt. Iedereen deed zijn best om met een beetje Italiaans en een beetje Engels het gesprek te voeren. Was erg leuk!

Dag 63: DI 29 sep 2026. Ivrea – Viverone (21 km)

Het was een relaxte wandeldag vandaag. Geen lastige rotsen, een paar barren onderweg en prima wandelweer.

Vanuit het hotel komen we vanochtend al snel op een mooi pleintje waar de huizen heel creatief beschilderd zijn.

We lopen verder de stad uit, en een eindje voor ons lopen 3 rugzakkers die steeds, heel resoluut, alle afslagen van de Via Francigena nemen. We volgen ze bijna blindelings, tot ze bij een rotonde pal de andere kant op gaan. Dus waarschijnlijk lopen ze toch iets anders?

Niet lang nadat we de stad hebben verlaten komen we in een natuurgebied met vijf meren. We lopen langs één van die meren: het Lago di Campagna.

Wat verder zijn er een paar stukken bos waar populieren aangeplant zijn. Allemaal keurig op een rijtje.

In Bollengo is er een bar die open is. Daar maken we graag gebruik van. We zitten met een kopje koffie op het terras als ook John (uit Seattle) komt aanlopen. Hij heeft kleine gebakjes bij de bakker gekocht en deelt ze met ons. Lekker!
En nog weer even later komen ook de drie rugzakkers, die in Ivrea de andere kant opliepen, eraan. Het blijken Fransen te zijn, die ook de Francigena lopen.
Wij vertrekken als eerste van het terras.

Tegenover het terras ligt het gemeentehuis. Daar staat, op het balkon, iemand die iets naar ons roept en zwaait. Ik versta het niet, maar zwaai vriendelijk terug en we lopen door. Maar even later komt diezelfde man achter ons aan rennen. Het blijkt de burgemeester te zijn. En hij wil graag met ons op de foto. De gemeente wil graag de Via Francigena promoten.
Dan vragen wij ook maar om een foto met onze telefoon.

Een kilometer verder komen we bij een kerkje uit de 11e eeuw. De poort en de deur zijn open, dus gaan we even binnen kijken. Heel simpel interieur.

In Palazzo Canavese is er weer een terras en restaurant. En ook hier belanden we weer allemaal.

Langzaam wordt het warmer nu de zon achter de wolken vandaan komt. Algauw zien we het meer van Viverone in de verte. En een uurtje later zijn we dan in Viverone.
We slapen er vanavond in een mooie studio, met keuken en eigen terrasje. Maar we zitten niet lang buiten, want er zijn veel insecten die ons graag willen bijten.

’s Avonds eten we, heel romantisch, in een restaurant aan het meer.

Dag 62: MA 28 sep 2026. Pont-Saint-Martin – Ivrea (23 km)

Bij het uitchecken in het hotel vanmorgen, vroeg de receptioniste of we nog wat mee wilden nemen voor onderweg. We kregen een zak met allerlei cakejes mee. Genoeg om niet meer langs de bakker te hoeven.
We lopen de stad door en komen dan bij de brug waar deze stad zijn naam aan heeft te danken (Pont Saint Martin).

We hadden voor vandaag niet een hele zware dag verwacht, maar dat was het wel!
Direct na Pont Saint Martin gaan we omhoog naar een kapel. Het pad omhoog was erg lastig. Over steile rotsen omhoog. Sommige stukken slaagde ik er niet in omhoog te lopen; het werd op handen en voeten naar boven zien te komen.
Boven werden we wel beloond met een mooi uitzicht.

De daaropvolgende weg omlaag was gelukkig wat beter begaanbaar, hoewel er nog steeds op een gedeelte touw was gespannen voor noodzakelijk houvast.
Dit was wel meteen het lastigste stuk voor vandaag, maar er volgde elders ook nog stukken met lastige rotshellingen.

Iets heel anders… Al dagen lang zien we in dorpen aanplakbiljetten als deze. Ook vandaag weer. Het is, wat bij ons overlijdens advertenties in de krant zijn, maar dan in de vorm van een aanplakbiljetten in het dorp.

Op al die rotsachtige hellingen, die we vandaag belopen worden veel druiven verbouwd. Het ziet er heel anders uit dan in andere wijnbouwgebieden. De stammen hier worden veel hoger, en de ranken worden over een soort pergola geleid. De druiven hangen dan hoog.

En dan uiteindelijk zien we het kasteel van Ivrea. Dan is ons hotel en de douche niet meer ver.

We kwamen vandaag twee andere Rome-gangers op het pad tegen: een jonge Nederlandse vrouw die vandaag de route weer oppakte waar ze in een eerder jaar gestopt was, en een Amerikaan uit Seattle die ook helemaal naar Rome gaat.

Dag 61: ZO 27 sep 2026. Verrès – Pont-Saint-Martin (15 km)

De eigenaresse van de B&B brengt ons vanochtend weer keurig terug naar Verrès. We halen opgelucht adem als we uitgestapt zijn en ze weer wegrijdt. Ze ratelde aan een stuk door, in een mix van Italiaans, Frans en Engels. Over de meest zinnige en onzinnige zaken. Zoals over hoe goed het afwasmiddel is dat ze gebruikt: groen en gemaakt in Zwitserland. Dat wou ik echt weten…
We vertrekken bij het station van Verrès, en al gauw lopen we dan weer langs de Dora Baltea rivier. Deze keer niet over een fietspad, maar over mooie zandpaden.
We verlaten de rivier even om, wat hoger op de helling door het bergdorp Arnad te lopen.
Als we vanuit het dorp weer terug zijn bij de rivier, komen we al snel bij een fraaie oude brug die we oversteken naar de westkant van de rivier.

Dan is het niet ver meer naar het volgende dorpje, Hône, waar we wat drinken.
Direct na Hône ligt het fort Bard, ooit belangrijk voor de verdediging van het gebied, maar nu een toeristische trekpleister.

We hebben genoeg tijd vandaag, en bezoeken het fort. Er zijn vier verdiepingen. We gaan eerst met drie opeenvolgende panoramische liften naar het 3e niveau. Daarna met een gewone lift naar het hoogste level. Daar lunchen we, en bewonderen het fantastische uitzicht.
Op onderstaande foto kijken we terug het dal in, waar we de afgelopen dagen gelopen hebben.

Als we dan weer met de vier liften terug zijn, lopen we nog een tijd door de mooie oude straat van Borgo di Bard. Dan volgt een steile afdaling en duurt het niet lang voordat we op de lange weg, met autoverkeer, komen waar ook ons hotel aan ligt.
We maken nog even een uitstapje naar de oude straat van Donnas.


We zien de laatste dagen alweer af en toe wijngaarden. De meeste zijn geplukt, maar er zijn er ook waar de druiven er nog aan hangen.
Deze wijngaard ligt op de helling, pal tegenover ons hotel.

Dit was de laatste wandeldag in de Aosta vallei. Vanaf mogen lopen we in het vlakkere Piemonte.
In de Aosta vallei sprak iedereen nog Italiaans én Frans. Op alle scholen hier zijn de lessen in beide talen. In Piemonte zullen we het alleen met Italiaans moeten doen.

Dag 60: ZA 26 sep 2026. Châtillon – Verrès (18 km)

We lopen vandaag weer in de bergen. En dan is 18km toch best nog een zware etappe.
Maar het is wel een hele mooie wandeling. Een deel van de route zijn er kleine dorpjes. Langs de steile hellingen storten er met veel geweld beekjes omlaag. En er zijn geweldige uitzichten.

Ergens langs de route vinden we een mandje met peren en tomaten. Wat leuk dat iemand dat voor je klaar zet.

In de buurt van Montjovet moet een heel productieve hout kunstenaar wonen. Rond het dorp zien we veel mansgrote houten beelden. Allemaal gerelateerd aan de Via Francigena.

Strategisch, op een bergtop ligt het kasteel van Saint Germain.

Kastelen zijn er veel in dit gebied. Hieronder het kasteel van Verrès. Ieder jaar in het laatste weekend van september (dit weekend dus) is er hier een groot gekostumeerd dorpsfeest. Dit ter herinnering aan het feit dat de bewoonster van het kasteel, in de 14e eeuw, naar beneden kwam om met de dorpsbewoners te dansen.

We denken dat dit feest de reden is waarom we moeilijk een slaapplaats in Verrès kunnen vinden. Uiteindelijk vind ik iemand die aanbiedt om ons naar een B&B in Montjovet te brengen, en ons daar de volgende ochtend weer op te halen. Montjovet ligt 6km terug op de Via Francigena. Wij vinden het in eerste instantie erg nobel van haar dat ze zoveel moeite doet om ons te helpen.
Maar als we eenmaal aangekomen zijn in de B&B blijkt dit gewoon haar eigen B&B te zijn. En dit is haar manier om daar gasten te krijgen.

Dag 59: VR 25 sep 2026. Aosta – Châtillon (30 km)

We hebben een lange dag voor de boeg, dus willen we vroeg vertrekken. We ontbijten in de bar naast het hotel omdat het ontbijt in het hotel pas om 7 uur begint.
Qua route is er vandaag de keuze: óf 28km door de bergen, met 1000m stijgen en 1100m dalen, óf 30km vrij vlak door het dal.
Die eerste optie lijkt ons te zwaar. We kiezen voor het laatste, de vlakke route. Dat betekent dat we een groot deel van de dag over een fietspad lopen met de rivier mee. De autoweg (E25) en de lokale wegen doen dat ook. Allemaal door hetzelfde dal omlaag. Af en toe kruisen we de wegen.
’s Morgens loop ik langs het fietspad…

en ‘s middags is er nog steeds het fietspad…

Niet de allerspannendste weg vandaag.
Toch zijn er onderweg wel een aantal mooie punten. Zoals het kasteel van Fénis, dat hoog boven het dorp Fénis staat.

En aan beide kanten van het dal liggen hoge bergen. Dat levert mooie uitzichten.

De rivier die we volgen, de Dora Baltea, heeft de typisch grijs-groene kleur van water dat uit een gletsjer komt. Hij slingert zich door het dal.

Na bijna 25km steken we de rivier over en lopen dan omhoog het stadje Châtillon in. Het ziet er uit als een leuk stadje. We zien er deze oude poort.

Als we in ons hotel zijn aangekomen is het weer tijd voor de was. We hebben een balkon aan de zonkant en het waait. Dus die was wordt wel droog vandaag.